Vanochtend vertrokken we om kwart over acht uit de
jachthaven van Breskens. De weersvoorspelling was ZW4-5, later ZW5-6 en veel
regen. We besloten toch maar te gaan, want morgen en overmorgen zou er nog meer
wind staan. Volgens de gribfiles een ZW7. Met één rif in het grootzeil en genua
staken we de drukke Westerschelde over, waar we tussen diverse vrachtschepen
door naar de overkant zeilden. Al snel begon het weer te regenen. Langs
Walcheren werden we ingehaald door de Kustwacht en een Pilot. Tegemoet kwamen
een paar vrachtschepen. Nadat we de meest westelijke punt van Walcheren hadden
gerond zeilden we meer naar buiten om de Roompot heen. We hadden inmiddels de
stroom mee en de wind was inmiddels aangetrokken tot ZW6. Met soms 9 knopen op
het log zeilden we richting de aanloop naar Stellendam. Toen we daar om drie
uur aankwamen kregen we diverse langdurige hoosbuien over ons heen en wel
zodanig dat het zicht beperkt werd tot een paar honderd meter. Het water kletterde
in stralen van de zeilen af en ook de gangboorden stonden blank. Ondanks onze
kwalitatieve Mustopakken voelden we ons als een stelletje verzopen katten. Om
half vier kwamen we bij de Haringvlietsluizen aan, waar we al werden opgeroepen
door de sluiswachter, die ons zag aankomen middels onze AIS-transponder en de
sluis al wilde klaar zetten. De regen was inmiddels gestopt. Ook hier wordt
kennelijk de sluizen op afstand bediend, want alles verliep bijzonder traag. Na
ongeveer een uur waren we als enig zeiljacht geschut en voeren we op het
Haringvliet. Een half uur later kwamen we zeilend op onze fok om 17:00 uur aan
in Hellevoetsluis, waar net de brug was dichtgegaan, zodat we een uur moesten
wachten aan de kade. Om zes uur gingen we door de brug en konden we afmeren in een mooie
box in de Marina Hellevoetsluis, waar we werden opgevangen door de
havenmeester.














































